dinsdag 30 september 2014

Augustus: komen, gaan en terugkomen

En toen werd het augustus, en kwamen zus en zwager Marjorie en Theo hun zoveelste vakantie in Noorwegen beginnen bij ons. Zoals gebruikelijk waren ze uitgeput en uitgeleefd op stap gegaan. Dit keer niet alleen door hun werk in het afgelopen seizoen, maar vooral door de intensieve zorg voor de gedwongen verhuizing van onze stokoude en demente moeder, en alles wat daarvan voor- en nasleep was. Met in dezelfde tijd de dood van onze zwager Kees.

Het was gelukkig weer stralend en warm hier, ruim boven de 25 graden, dus het begon (voor Theo) onmiddellijk met zwemmen, gewoon zomaar voor de deur...


 
 


en daarna diep en lang (uit)slapen, in deze stille en rustige wereld. Die zo contrasteert met de drukte en het verkeerslawaai van Nederland, zelfs van de kleine stad die hun woonplaats Delft eigenlijk is.
Marjorie heeft de Solvik Mat butikk vervolgens flink geholpen door zo'n 275 koekjes te bakken: zandkoekjes, met noten, rozijnen en gember erop.

 


 
Prachtig ouderwets handwerk. Verpakt per 10 stuks in een zakje met een strikje eromheen worden ze goed verkocht - veel klanten kopen zo'n zakje als cadeautje, maar er zijn er ook die ze ter plekke, op ons terras, leegeten, met een kop koffie erbij. Grappig: dit soort koekjes wordt in Noorwegen eigenlijk alleen in de kersttijd gebakken - maar ze vinden bij ons in de winkel ook in dit jaargetijde gretig aftrek!
 
We konden gevieren een mooi boottochtje maken. Aanleggen bij een stil, zonnig en onbewoond eilandje in het grote Tokemeer aan het begin van de avond, toen de zon bij ons huis allang was verdwenen. Heerlijk om daar bij een ministrandje te kunnen zwemmen en picknicken. Geen enkel ander bootje, geen ander geluid dan dat van af en toe opspringende vissen of over het kalme oppervlak scherende watervogels. Avslappen, heet dat hier: ontspannen, in de ruimste zin des woords en in de oogstrelendste natuur.
 
Later die maand verschenen onze oude (niet letterlijk hoor) Utrechtse vrienden Hans en Getske, die op de terugweg waren van een lange reis door Zweden via noord-Noorwegen naar de Lofoten en de Vesterålen, een minder bekende maar volgens hen een minstens zo mooie (schier)eilandengroep. Het was een hartelijk weerzien na bijna 2,5 jaar, en gezellig als vanouds.
Noorwegen is, net zoals voor Marjorie en Theo, geen onbekend land voor Hans en Getske - en toch waren ze onder de indruk van onze woonomgeving hier in Telemark. En ook van ons lieve winkeltje en de lekkere producten die we er verkopen.
 


Op de avond voor het vertrek van onze logees kregen we per telefoon te horen dat onze uithuizige kater Pippi plots was gesignaleerd, aan de rand van het terrein waar we hem de vorige keer weer hadden teruggevonden, nadat hij 5 maanden vermist was geweest. Of we even konden komen?
Snel met de kattenmand de auto in dus, op hoop van zegen...Op het terrein van Moland, zo'n kilometer of 2 van Solvik vandaan, werden we opgewacht door een paar buurtbewoners die Pippi hadden herkend en vergeefs geprobeerd hadden hem te pakken te krijgen. Eén van hen had beide armen en handen vol bloederige schrammen en halen, omdat de kat zich niet liet vangen...Dat lot viel mij ook ten deel: Pippi kwam zonder dralen op ons roepen uit het bos stappen en liet zich luid spinnend oppakken - totdat hij begreep dat hij de kattenmand in moest...Met vereende krachten lukte die operatie uiteindelijk, en we konden hem zonder problemen mee naar huis nemen. Waar meneer meteen op het kattevoer aanviel en Poppy zichtbaar blij was met de hereniging, na, echt waar, maar liefst 3 maanden!
 
 
 
De auto en mijn kleren waren flink bebloed, handen en armen behoorlijk opengehaald aan de klauwtjes van ons lieve katertje, dat kennelijk telkens opnieuw op stap wil, gecastreerd of niet. Maar o, hij is zo mooi en zo aanhankelijk. Eenmaal weer thuis doet hij eerst niets anders dan eten en slapen en verschrikkelijk graag bij Henk op schoot kruipen. Alsof hij zich niet realiseert dat hij daarvoor eigenlijk veel te omvangrijk is geworden en dus nogal eens al slapend van die schoot afkukelt...
 
Inmiddels is Pippi alweer 2 keer een paar dagen en nachten op pad geweest, maar ook weer uit zichzelf teruggekomen. Wordt er ineens aan een raam gekrast, zit hij daar met een gezicht alsof het de vanzelfsprekendste zaak is, dat dat raam voor hem wordt geopend.
Katers, ik weet het niet hoor. We hebben er tegenwoordig geen kater meer van, als hij niet thuiskomt. Hij redt zich wel, blijkbaar. Ook door die 7 sloten heen.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen