Om de keuken vindbaar te maken voor klanten (er kunnen taarten en eten worden afgehaald) zijn we begonnen met het indienen van een verzoek om plaatsing van een wegwijzerbordje aan de kant van de weg in Neslandsvatn: 'Idunns Mathus' met een pijl naar het steile weggetje omhoog. Klinkt simpel, maar kost een maand of 3...
Eerder al hadden we het onvolprezen, door Geert (info@plumage.nl, voor al uw vormgevingswensen) in Nederland al ontworpen kleurige logo op de bedrijfsauto's en op de visitekaartjes laten drukken. Dat klare-lijn logo op die auto's werkt overduidelijk: als we ergens moeten bezorgen worden we door de klanten onmiddellijk herkend en dat scheelt tijd!
En nu we, na het festival in Skien, al bestellingen hebben gekregen voor ingemaakte augurken en potjes chutneys (het begint te lopen) moesten we ook zorgen voor een aantrekkelijke verpakking. Het is allemaal 'hjemmelaget', thuis gemaakt letterlijk vertaald, en ambachtelijk en dat soort dingen, dus dat geldt nu ook nog voor de geknutselde labeltjes en gekartelschaarde etiketjes met productinformatie.
Er zijn wat lange avonden plakken en knippen, eindeloos en proberen en printen mee gemoeid geweest, maar met de resultaten moeten we het voorlopig even doen.
Een beetje terug naar het gevoel van de schoolkrant, en nog verder eigenlijk - de kleuterschool... Maar het heeft alles te maken met kostenbesparing: een menufolder laten ontwerpen en drukken kost veel geld, en het laten bezorgen van glazen potten ook. Daarom waren we 2 weken geleden in het plaatsje Moss, moesten we met de pont (een halfuurtje) naar de overkant van de Oslofjord, om zelf het benodigde glaswerk op te halen. Vandaar door naar Oslo voor het laten kopiëren van de menufolder - voor een copyshop zoals die in Nederland op elke straathoek te vinden is (nou ja, bijna dan, in de stad) moet je hiervandaan toch een paar uur rijden. Het loont de moeite, zolang we klein zijn.
Wel grappig om even in 'de stad' rond te lopen: ik zag voor het eerst in 4 maanden mevrouwen met júrken aan! Hoge hakken, modieuze kleren...Elegante meneren ook. En omdat de copyshop toevallig pal achter de regeringsgebouwen bleek te zitten, stonden we naast de ambassadeur van de een of andere oliestaat, die zijn businesskaartjes kwam laten maken.
Deze advertentie zal wel niet goed leesbaar zijn, maar het is een illustratie van hoe we ook in het plaatselijke sufferdje onze kop opsteken. Eens per 2 weken ('de krant' van Drangedal verschijnt eens per week, dus we manifesteren ons behoorlijk).
Gisteren hebben we onze eerst augurk- en chutneybestelling (60 potten!) bezorgd bij een boerderijwinkel in het plaatsje Gvarv, iets meer dan een uur ten noorden van Drangedal. Pippi helpt mee met alles, dus ook met het klaarzetten van de potjes, al valt hij op gezette tijden overal zomaar in slaap. Zo lief, tussen de chutneys...
Op de terugweg vanuit Gvarv kwamen we de Henrik Ibsen tegen, een van de 2 oude schepen die vroeger dagelijks het hele Telemarkskanalen bevoeren, van Skien naar Dalen, iets van 105 km door meren en deels gekanaliseerde rivieren, met tig (17 geloof ik) sluizen om het verval op te vangen. Vorig weekend was er een marathonuitzendig op tv om die historische tocht te volgen. Meteen een soort nationaal feest, prachtig weer en massa's mensen langs de kanten, druk zwaaiend met Noorse vlaggetjes en vaak verkleed. Je verkleden, daar houden ze hier van, net zoals van muziek maken: in een omgeving waar niet zo veel gebeurt is een optreden van de plaatselijke harmonie al gauw een opwindend gebeuren.
Ook de schoolvakantie is voorbij dus we zitten maandag overdag en donderdagavond weer in de banken met onze schriftjes. Even wennen, zeker als we de zondag ervoor fors druk zijn gerweest.
Morgen weer een buffet voor 200 man, zondag iets dergelijks. Voor een club die wij niet direct het warmste hart toedragen: de schietvereniging. Zondag is de finale van de landelijke 'Norges Cup', een grootse wedstrijd die dit jaar eindigt in Drangedal. Schieten met een geweer, in een roos ja, maar natuurlijk bedoeld om trefzeker op wild te kunnen jagen. En dat is dan een van de, voor mij althans, mindere en vooral onbegrijpelijke aspecten van Noorwegen. Zaterdag kreeg ik een lift vanuit Skien naar huis van een uiterst aimabele vrouwelijke leeftijdgenoot die enthousiast vertelde over de jacht die ze bedrijft. 'Ja, elanden, rendieren en herten, en dan is onze vrieskast voor de winter weer gevuld!'. Dat er ooit een noodzaak en een vanzelfsprekendheid was, dat snap ik. Maar het plezier in het doden, dat blijf ik maar niet begrijpen. En dat is wel waar het schieten om gaat.
We buffelen door, en hopen op succes. Het blijft pionieren, maar ook genieten. En het blijft vooral genieten dat we hier echt wonen. Iets langer dan jaar nadat we serieus begonnen te denken dat we dat zouden willen. Hoe snel kunnen dingen gaan, hoe vlug kun je iets besluiten, hoe vlot kun je afscheid nemen van alles wat je lief was. En hoe moeiteloos kun je leren houden van een ander land, een ander leven.