vrijdag 21 maart 2014

Voorjaarsvorderingen

 
We zijn nog steeds 'under construction', maar nu wel met een voorjaarszonnetje erbij! Dit keer was Doeke de Jong, een vriend uit NL een weekje op bezoek en hij was af en toe niet te houden met zaag, hamer, beitel en het onvolprezen spijkerpistool dat werkt op een compressor. Geleend van de buren, en ook het speeltje van het vorige klusbezoek. Ik ben er zelf inmiddels ook wel aan gehecht en kan er nu aardig mee overweg, al zeg ik het zelf. Ik schiet alles wat los en vast zit aan elkaar! Tot nu toe gaat dat ook in de richting van het beoogde resultaat. Wie had dat gedacht, op m'n oude dag ben ik plotseling een klusser. Voor het klusbezoek ben ik een 'hjelpeman', maar ik kijk goed en leer ervan.



Maar zoals klussers als Doeke constructies en oplossingen bedenken, dat kan ik echt niet.

In een weekje werken is er ongelofelijk veel gedaan. De tijd begint ook te dringen want 11 april openen we onze deuren, hier in Henseid. In ieder geval moet het winkelgedeelte dan toegankelijk zijn.
Zo te zien moet dat gaan lukken. De vloerbedekking ligt er al! Daarvoor moest eerst de ondervloer geëgaliseerd worden. Dat viel niet mee met een vloer van rond 1900. Maar het resultaat mag er zijn.
De vloerplaten voor het egaliseren heeft buurman Olav op de kop getikt. Dat bleek een partij demonstratiewandplaten te zijn. Precies de juiste dikte, alleen wat rare randjes moesten eraf.




 
 
 

Zowel de  ruimte voor het winkeltje als het keukengedeelte beginnen vorm te krijgen. Zoals we de oude winkel aantroffen, herkennen we het bijna niet meer terug! Dit wordt / is ons bedrijf!

Nog steeds maken we gebruik van het aanwezige hout dat in de oude winkel rondslingerde. Ook hebben we Olav beroofd van allerlei latjes, balkjes die in zijn schuur min of meer bewaard waren.
Inmiddels maken we ook dankbaar gebruik van ons netwerk dat we zo zoetjes aan aan het opbouwen zijn. Via Marit, een buurvrouw en nu ook vriendin, zijn we aan goedkope vloerbedekking gekomen. Haar zoon zit in die business en die kon het tegen inkoopsprijs leveren. Alleen moest het nog wel uit Ulefoss gehaald worden. Da's een uurtje rijden en het zijn lange rollen....In dezelfde richting en nog een half uur verder weg, stond ook een grote tweedehands koelkast op ons te wachten.

Ik werk natuurlijk niet voor niets bij een verhuisbedrijf, dus vroeg ik Arild, mijn baas mij te helpen. Geen probleem op een stille dag! Met een grote aanhanger was het spul in een ochtend op z'n plek. Hij wilde zelfs de brandstofkosten niet door ons vergoed hebben. Mooi toch?



Gebrild en in gebedshouding leggen we het zeil er zo in!


 


Een kastje uit de jaren 50 schilderen is voor deze Van Gogh geen probleem ...
 
Tussen neus en lippen door heeft Doeke nog een luik gefabriceerd dat toegang verschaft tot de kruipruimte, maar ook de koude luchttoevoer in de winkel moet weren. Tweetalige instructie kwam er gratis bij! Bijna drietalig, maar voor het Frysk was er geen ruimte meer...

 
 
Hulde aan deze cirkelzaaggigant, die we zo nu dan 's avonds laat moesten afremmen. Er moest ook nog gegeten worden enzo. Verrast door de voorjaarszon konden we zelfs soms  buiten lunchen.

 
 
Die hinderlijk lekkende knik in de regengoot is na de lunch door Doeke uiteraard verwijderd. Zodat het terras voortaan niet bij elke regenbui doorweekt raakt. 

Zo langzamerhand beginnen we te geloven dat het bijna zo ver is....zucht! 
Het is heel veel werk, maar zo opbouwend!


zaterdag 1 maart 2014

Endjes aan elkaar knopen

Het levensonderhoud in Noorwegen is onbehoorlijk duur, dat wisten we. Een vaste baan met een goed inkomen hebben we in Nederland achtergelaten, dat was een weloverwogen keus. Geleidelijk aan leren we in kleine dingen steeds meer te besparen en in ons eigen onderhoud te voorzien; dat is niet alleen noodzakelijk - het is leuk en bevredigend. Als het lukt dan, want natuurlijk verloopt dat met vallen en opstaan.
Een beetje 'back to basics' kan helemaal geen kwaad. Die trend is elders in het welvarende Europa ook allang te bespeuren. Van overvloed kun je moe worden; wij ervaren het als prettig om wat bewuster om te gaan met wat in Nederland, voor ons althans, allemaal vanzelfsprekend was. Een paar voorbeelden van ouderwets leven in 2014.

Om vers brood te halen moeten we minstens 20 minuten rijden, en een zelf gebakken brood is ca. 8 x goedkoper. Dus bakken we sinds ruim een jaar ons eigen brood.

 
De eerste keer is de korst te hard, de tweede keer is het te zout, te zoet of te kruimelig etc, maar uiteindelijk bakken we nu heerlijk brood, in allerlei variaties. Ruikt zo lekker!
 
We houden van een fris biertje en een goed glas wijn, maar alcohol is hier schrikbarend duur. Dus stoppen we er tijd en moeite in om ook die luxeproducten zelf te maken, en met succes! Het loont de moeite, is bijna 10 x goedkoper dan gekochte drank.
 
 
 
In de 'mørketid', de donkere maanden (van oktober t/m maart zo'n beetje) branden we elke dag kaarsen in de kamer om het een beetje gezellig te maken. En van de restjes kaars en waxinelichtjes maken we weer nieuwe....
 



Scheelt ook aardig wat geld. Alleen het lont hebben we gekocht, de rest is van afval!

We zijn al 2 jaar niet meer bij een kapper geweest, want ook dat is akelig prijzig. Maar met een schaar en een dosis relativeringsvermogen komen we een heel end. Dat resulteert wel eens in een theemutskapsel, maar ach, wat zou het?

 
En van alle restjes wol die uit Nederland zijn meegekomen ben ik vorige winter lapjes gaan breien - ik geef toe, niet uit armoede, maar wat doe je anders met zo'n berg wol? Echt breien van patronen is niet voor mij weggelegd, maar lekker domme lapjes breien vind ik wel aangenaam, zo in verloren momenten. Bezig zijn met iets waar je niet over hoeft na te denken, zodat je rustig kunt peinzen over iets belangrijks. En uiteindelijk werd het een heerlijk behaaglijke deken voor de koude Noorse winternachten. Mooi nee, uniek ja!
 
 
En hoewel het tot nu toe een slappe winter was (ca. min 10), vergeleken bij de vorige (ca. min 20, tot min 27), hebben we toch ook dit gehad:
 
 
En dit,
 
 
en was het vandaag, 1 maart, nog zo:
 
 
Dan is het 's morgens koud in huis en het duurt even voordat de houtkachel de zaak echt op temperatuur heeft.
Gelukkig horen we minstens eens per dag Pharrell Williams' 'Happy' op de radio - dat is mijn ochtend- en warmwordgymnastiek! Bij dat nummer spring en swing ik m'n oude spieren warm en soepel. Geen gezicht natuurlijk, maar behalve verbaasde poezenkopjes en een echtgenoot die nergens van opkijkt ontbreekt het me gelukkig aan publiek.
 
Oude spieren ja: afgelopen zondag was ik ineens weer jarig, en nog maar 2 jaar verwijderd van mijn zestigste... Raar feestje was het, samen, maar wel met een paar ouderwetse, geschreven kaartjes per post, elektronische felicitaties en skypecontact met vrienden en familie. En 's avonds gefrituurde inktvisringen! Mijn favoriet bij de Griek in Utrecht destijds.
 
Zus en zwager Marjorie en Theo waren weer een weekje op bezoek en droegen bij aan ons besparingsstreven: ze hadden oude kaas, kruiden, aspirines, rookwaar en brillendoekjes meegenomen, allemaal dingen die in Nederland vele malen goedkoper zijn dan hier. En natuurlijk hielpen ze ook weer met het schilderen in de toekomstige keuken annex winkel beneden en kookten ze voor ons. Verwennerij! Maar na gedane arbeid is het goed, eh....
 
 
Ach ja, die generatie....Maar ook die andere diersoort zoekt ontspanning na het judoën:
 

 
Een paar dagen na mijn verjaardag arriveerde er een pakje van bovengenoemde familieleden, dat welkom was en me tegelijkertijd wees op mijn vorderende leeftijd:
 

want ik loop dagelijks als een kip zonder kop te zoeken naar mijn leesbril. Mmm. De simpele Kruidvatmodelletjes kosten hier minimaal € 15,- per stuk! Mijn eigen arsenaal is uitgedund (per ongeluk op gaan staan, op gaan zitten, glas er uitgevallen, verloren, per abuis in beslag genomen door buurman Olav, die aan hetzelfde euvel lijdt etc.). Zuslief heeft maar liefst gewoon even 6 fancy stuks opgestuurd. Daar moet ik voorlopig mee toe kunnen.
Op naar de volgende verjaardag: 11 maart is het Henks beurt. Maken we een feestje van. 
 
 
 


woensdag 19 februari 2014

U piept zo lief..

 
Als ze een wit snoetje zou hebben zou ze een perfect Bart van der Leck-modelletje zijn!
Met haar 6 maanden is Poppy nog steeds een klein poesje, dat steeds handiger en behendiger wordt. Dat zag er eerst niet naar uit: als ze zich waste viel ze steevast om, ze sprong voortdurend ergens naast en maakte flinke smakken omdat ze overal van af viel. Ze vloog al spelend elke dag wel een paar keer uit de bocht en botste tegen meubels, struikelde regelmatig over dingen die er niet waren. Balanceren, afstanden inschatten, evenwicht bewaren - niet haar sterkste punt, dachten we. Het leverde vaak komische taferelen op, dat wel. Maar het is anders aan het worden:
 
 
tegenwoordig beklimt ze met verbluffende vaardigheid het wasrek (liefst als dat volhangt met natte was natuurlijk, zodat die verspreid kan worden over de kamers), wurmt ze zich tussen de houtblokken voor de kachel,
 
 
springt ze zonder aarzeling in de douchebak, de wastafel en de gootsteen (blijft gebiologeerd door waar dat water toch blijft),
 
 
en kruipt ze graag in dozen, teilen, lades, bakjes, mandjes, ongeacht wat daar verder in zit.
 



 
Ze eet uit de hand als een circusartiestje, rechtopstaand als een stokstaartje,
 
 
komt af en toe in de krant (wij ook trouwens, zie AD 18/19 januari),
 
 
kortom, doet alles wat een kleine poes hoort te doen -  behalve miauwen!
Dat stemmetje! Echt voluit miauwen lukt (nog?) niet echt: ze maakt flinterdunne geluidjes, nauwelijks hoorbare kreetjes, meisjeskreetjes. Grappige kleine piepjes. Ze piept zo lief!
 
Met buurpoes Mungo was ze sinds haar komst al innig bevriend;
 
 
gelukkig is ze nu ook helemaal blij met het gezelschap van de grote Pip. Vanaf de dag na zijn wonderbaarlijke terugkomst, inmiddels 5 weken geleden, zijn ze dikke mik samen.
 
 
Ze zijn onafscheidelijk! Als ze 's morgens samen hebben gegeten
 
 
volgt steevast een rondje vrij worstelen in de kamer; dan rollebolt er een kluwen pikzwart glanzend bont over het kleed, zó verstrengeld dat je niet meer kunt zien waar de ene kat eindigt en de andere begint. Daarna even bijtanken op een stoel en in het mandje;
 
 
en vervolgens gaan ze boven de boel op stelten zetten. Achter elkaar aan rennend en springend op en over de bedden, door alle kamers, door de gang, de trap op en af, maken ze samen zo'n lawaai dat het beneden klinkt alsof er boven iemand aan het verbouwen is. Of alsof er een kudde buffels op de bovenverdieping aan het marcheren is. Prachtig.
 
Pippi is weer helemaal thuis, waar hij zijn oude liefde heeft teruggevonden en een nieuwe liefde erbij heeft gekregen. Gezelligheid ligt op een geel bankje.
 
 
 
 
 


 
 



 

vrijdag 31 januari 2014

Under construction

 
De afgelopen dagen zijn we flink opgeschoten met de verbouw van de oude winkel onder ons huis. Dat wordt een heel mooi authentiek winkeltje met daarbij een flinke keuken. Van daaruit gaan we onze producten maken. Gelukkig hadden we hulp van twee vrienden vanuit Nederland, die in een paar dagen de zaak op z'n kop zetten en voortvarend aan de wederopbouw begonnen.



 
 
Benn en Rob waren bij ons voor bouwkundig advies, het bouwen zelf en dat alles met een flinke dosis humor. Mooie combi!


 
Waar wij af en toe de moed laten zakken omdat we niet weten hoe we verder moeten, pakten zij met hamer, zaag en zwaarder materieel de boel op en timmerden er flink op los. Met van de buren geleend gereedschap zijn we een heel eind gekomen, ook al kwamen we bij het breekwerk een onaangenaam hoekje in de winkel tegen: langdurige blootstelling aan vocht en houtworm hadden er voor gezorgd dat we een fraai, extra uitzicht naar buiten bleken te hebben... 

Goede raad bleek echter niet zo duur. Zak cement gekocht, bakstenen die hier op het erf rondslingeren onder de sneeuw vandaan gehaald en een mooi muurtje verrees op de granieten fundamenten van het oude huis.
  
Gelukkig kwam er ook iets moois naar boven. Nadat we de vloer laag voor laag hadden afgepeld en van de oude bedekking hadden ontdaan werd er plotseling een prachtig eikenhouten vloertje zichtbaar. Een mooi parketje dat er waarschijnlijk al ligt sinds de bouw in 1870! Helaas is het alleen bij de entree van de winkel, maar dit gaan we in ere herstellen, ook al kost dat nog wel heel wat moeite..
  





































Benn en Rob hebben er ook voor gezorgd dat we met minimale middelen zo'n eind zijn opgeschoten. Overgebleven plankjes van oude winkelkasten zijn hergebruikt om verplaatste kasten te verstevigen en uit te breiden. Ander resthout is gebruikt om er een provisorisch, tijdelijk toonbankje voor de winkel van te maken. We zullen zien hoe tijdelijk dat zal zijn, want we vinden het wel heel erg leuk en uniek!



 


Onder weersomstandigheden die in Nederland ongetwijfeld tot vorstverlet zouden leiden is deze klus geklaard! In de tussentijd moeten we wel zorgen dat de boel een beetje sneeuwvrij blijft. De weg naar het hout voor de kachel moet vrij blijven en ook de blik op de wereld moet soms even worden opgeschoond...



     

zondag 12 januari 2014

The return of the black panther

De wonderen zijn de wereld niet uit, dat weet ik vanaf vandaag heel zeker. Want anders is het niet te geloven, wat er is gebeurd. Onze Pippi is weer thuis....


Ik heb besloten dat ik dan dus ook maar meteen ga geloven in beschermengeltjes, en in Het Goede (tot op zekere hoogte dan). Dat is wel zo comfortabel, als je geen logische, aannemelijke of anderszins acceptabele verklaring voor gebeurtenissen voorhanden hebt.

Kijk, zó ging het:

Donderdag moesten we in Drangedal city zijn en kochten we het plaatselijke krantje. Daarin staat zelden iets vermeldenswaardigs, maar de advertenties zijn soms voor ons interessant. In deze editie had een eigenaar van een vakantiehut, hier zo'n 2 km vandaan, melding gemaakt van een rondzwervende zwarte kat...Die al maanden werd gesignaleerd in die omgeving. En onze harten gingen sneller slaan.
Vrijdagmorgen zijn we naar dat gebied gereden: een beboste berg, met hier en daar tussen de rotsen, hoog boven het meer, een houten hut. Al roepend ("Pippi, Pippi, waar zit je dan?") hebben we rondgelopen in de vrieskou, maar eigenlijk konden we niet geloven dat het onze Pip zou kunnen zijn, die we zouden aantreffen. We gingen erheen vanuit het idee van 'je weet maar nooit - maar het zal wel niet'.

Op een van de besneeuwde paden kwamen we een nors uitziende man tegen, die zijn postbus ging legen. Toen we hem de advertentie in de krant hadden laten zien wist hij onmiddellijk waar het om ging en wees hij ons de weg naar de plek waar die kat voor het laatst was gezien. De norse, stugge Noor ontdooide waar we bij stonden, toonde volop begrip voor onze zoektocht en troonde ons daarna nog mee naar zijn eigen hut. Om te laten zien dat vanaf daar het uitzicht over het Tokemeer wel het allermooist was!
Dat de zwerfkat niet bij hem binnen durfde te komen begrepen we: er liepen 2 kleine maar heftige hondjes op de veranda rond, keffend, hun territorium verdedigend.

De vriendelijke man sloeg ons telefoonnummer op in zijn mobieltje en beloofde ons te bellen als hij de kat weer zou zien. En wij stopten vertwijfeld briefjes met ons nummer in alle brievenbussen die we maar vonden. 'Je weet maar nooit', zeiden we - 'maar het zal wel niet. Het zou een wonder zijn, Pippi die zich ruim 5 maanden in het wild in leven heeft weten te houden. Ook al heeft een incidentele weekendgast, hutbewoner, hem misschien wel eens te eten gegeven'.

 

Maar verdorie, tijdens het allerbelangrijkste deel van de schaatswedstrijd waar Henk ademloos naar zat te kijken (in schilderskleren, want we waren vooral aan het schilderen in de winkel vandaag) ging de telefoon. Een vrouw in dat huttengebied had 'de kat' weer gezien!
Wij halsoverkop erheen, de auto achtergelaten bij de slagboom die dit soort gebiedjes meestal afsluit, en lopend in het donker op zoek naar de hut die de vrouw heerlijk duidelijk had omschreven als 'die grijze hut' - zaklantaarn en kattemand mee.
Voor vertrek hadden we al besloten dat we, mocht het Pippi niet zijn, die kat toch zouden meenemen. Hij was immers zijn baasje kwijt.

Maar we hoefden niets te beslissen: Pippi besliste. Zodra we een grijze hut waren genaderd, Henk voorop, hoorden we 'mauw?' en vanuit het aardedonker liep een grote zwarte kat Henk tegemoet. Toen de vrouw in de deuropening verscheen liep de kat naar mij toe en kon ik hem snel in de mand sluiten.

Thuis, in het licht, bleek het onmiskenbaar onze Pippi te zijn. Een paar witte haartjes onder de kin, een door een vechtpartij beschadigd oortje. Loeihard gespin en eindeloos kopjes geven. Maar.....wat is hij groot geworden! Hij is een kater geworden om U tegen te zeggen!
Hij liep het huis door zoals iemand dat doet die een tijd is weg geweest, at dankbaar een bakje brokken leeg, vleide zich voor de warme kachel en hield niet op met kopjes geven en spinnen. Wat een geluk!

De kleine Poppy vindt het interessant, zo'n grote soortgenoot, en gelukkig is ze niet bang. Al was het wel even blazen en uitvallen naar elkaar. Ze zullen aan elkaar moeten wennen, en vriendjes worden. Dat kost tijd en misschien wel een en ander aan gesteggel.

Gelukkig heb ik hier een gecertificeerd mediator in huis, die altijd partijen in vrede bij elkaar weet te brengen. Een poezenfluisteraar, die, overgelukkig, de hele avond op z'n knieën al communiceert met ze. Poppy en Pippi. Wondertjes, beschermengeltjes, ik geloof het allemaal, vanaf nu. We zijn weer compleet hier. En hebben geluk voor tien.


donderdag 9 januari 2014

De feestdagen voorbij



Aan Kerst ontkom je niet, zeker in Noorwegen. Ik geloof dat 'Jul' hier zo'n beetje de belangrijkste tijd van het jaar is. Weken tevoren al word je doodgegooid met alles wat met die feestdagen te maken heeft, en in dit land staat dan met stip op 1: eten!
Natuurlijk gaat het ook om kerstbomen, lichtjes, kerstversieringen, kerstliedjes en wat al dies meer zij. Natuurlijk puilen de winkels al lang voor december uit van de kerstspullen en zijn de huizen vanaf begin december versierd, maar de meeste aandacht gaat toch uit naar de kerstmaaltijd. Traditie voert hierbij de boventoon. En van tradities wordt, behalve misschien in de paar grote steden die het land rijk is, zelden afgeweken.

Eten met Kerst is vooral veel, vet en zout: 'ribbe' (vet varkensvlees, zoiets als spareribs), 'pinnekjøtt' (gezouten en gedroogde schapenribben), 'julepølse' (heel dikke witte worst, die aan elkaar hangt van vet) en 'lutefisk' (door zilte zeewind gedroogde vis uit noordelijke regionen) zijn de belangrijkste bestanddelen van een echte kersttafel. Daarbij horen dan meestal een puree van aardappels met koolraap, rode kool en een soort rijstepap als nagerecht. Ongetwijfeld ligt de oorsprong van deze traditie in de tijd dat Noorwegen een arm, voornamelijk boerenland was - en daarvoor hoef je niet ver terug in de geschiedenis. Zo'n 100 jaar geleden was Noorwegen, op Albanië na, het armste land van Europa...De winterzonnewende was waarschijnlijk niet alleen de datum van ommekeer in het seizoen, waarop het einde van de donkerte en de komst van het licht werd gevierd. Het zal ook de datum zijn geweest waarop 'het varken' werd geslacht en men zich tegoed deed aan de laatste, opgeslagen wintervoorraden.

We werden wel lichtelijk moe van de radio, in deze weken; alle programma's leken uitsluitend en voortdurend te gaan over eten, eten en nog eens eten, maar dan alleen over wat het echte, Noorse kerstmaal dient te zijn. Over drinken werd niet gerept, terwijl dat minstens zo gangbaar is, zeker met Kerst. Omdat het eten zo vet is, is het aan te raden om aquavit te drinken, want dat helpt, is het hardnekkige verhaal. Ja ja.

Het was geen witte wereld, deze Kerst, maar voor ons een betere dan die van vorig jaar, toen we enigszins verweesd zaten te bekomen van onze plotselinge werkloosheid. En ook al zijn we ons voortbestaan hier nog altijd niet zeker, dit jaar konden we ook een beetje meedoen met Kerst. Ballen in een boom, binnen, is geen goed idee met een jonge kat in huis, dus die hebben beneden in de winkeletalage geprijkt - oplettende lezertjes van een zeker bedrijf zullen herkennen waaraan we ze hadden opgehangen!

 
En voor bij de voordeur hebben we een paartje 'Julemus' aangeschaft, een jongetjes- en een meisjesmuis, gekleed in, zeg maar, kabouterkleren. Eigenlijk zijn het de kleren die de 'nisse' draagt, een sprookjesachtig soort kerstdwergje - maar die zegt ons niet zo veel. Aan de andere kant ontgaat ons het verband tussen Kerst en muizen volkomen, maar deze twee vonden we wel lief.
 



Van de traditionele kerstgerechten hebben we ons verre gehouden - we integreren waar dat maar kan, maar er zijn grenzen - behalve van pinnekjøtt, en die viel best mee. De schapenribbetjes moeten 12 uur weken in water en vervolgens op roostergewijs geplaatste berkenstokjes (de 'pinne') in een braadpan urenlang zachtjes worden gestoomd. Niet slecht. De botten hebben we gebruikt om bouillon van te trekken.

Even voor Kerst kwam Henks baas uit Skien, toch 3 kwartier hier vandaan, ineens op de koffie met een grote doos bonbons. En laat op de avond van 1e Kerstdag werden we verrast met bezoek van (Noorse) kennissen, met een fles aquavit onder de arm... 'Gezelligheid zit in een klein hoekje' hoorden we in een Nederlands radiospotje, en dat was helemaal waar, die nacht.

Met Oud & Nieuw hebben we ook maar eens een Nederlandse traditie opgegraven:

 
 
Het werden rare gedrochten, maar ze smaakten prima en riepen herinneringen op aan lang vervlogen tijden, toen ik zó klein was dat mijn postuurtje niet eens tot de deurknop reikte.
 
 
Trots met een schaal door mama gebakken oliebollen, een theedoek om mijn hoofd tegen de olielucht in mijn haar...
 
 
De tijd staat niet stil, zoveel is duidelijk.
Wij gaan het nieuwe jaar in met goede moed en boordevol plannen. 'Het is niet de materiële rijkdom die er toe doet', schreef ons een wijze tante van Henk, 'maar de kwaliteit van leven'. Zo is het. En voor iedereen die we niet persoonlijk hebben benaderd: een mooi, fijn 2014!